![]() |
Psalm 100 De motivatie voor deze psalm heeft de schrijver tot het laatste vers bewaard. JaHUaH is tof, zegt hij. Het Hebreeuwse tobh wordt vaak met 'goed' vertaald, maar het bevat meer vreugde, daarom vertaal ik het hier met 'tof'. Ook roemt de schrijver de goedertierenheid en trouw van JaHUaH - die twee mooie en unieke eigenschappen, waar ik al eens eerder over schreef. In vers 4 zien we dat de schrijver dit reden vindt om met een loflied Zijn poorten binnen te gaan, Zijn voorhoven met lofgezang. Wanneer we ons de goedheid van JaHUaH enigszins realiseren, willen we naar Hem toegaan en Hem prijzen. Vers 3 geeft aan dat het dan wel belangrijk is dat we diep beseffen (andere vertalingen hebben: erkennen; het Hebreeuws gebruikt een afgeleide van het werkwoord jada‘ - heel goed kennen / zeer vertrouwd mee zijn) dat JaHUaH God is en dat wij Zijn schepselen zijn. In Romeinen 1 legt Paulus uit dat veel van de ellende die hij toen zag, en die we ook nu weer om ons heen zien, voortkomt uit het niet meer erkennen en diep weten dat JaHUaH God is. Als we ons dat wél realiseren, geeft het ook rust om te weten dat we bij Hem goed zitten, dat het goed is om als schapen bij Zijn kudde te horen. Want, ja, Hij is een Herder Die zéér goed voor zijn schapen zorgt! Zie ook ‘Psalm 23 - JaHUaH is mijn Herder, ik ontbreek niet’! Vanuit die achtergrond begrijpen we de eerste verzen: er is heel veel reden om van harte voor JaHUaH te juichen, en Hem met vreugde te dienen - zelfs als niet alles gladjes verloopt in ons leven of in de wereld om ons heen. Het is héérlijk om JaHUaH met vreugde te mogen dienen! Hij is zeker al onze lofprijs waard! Hallelu JaHUaH ! Noten
ReactiesUw reacties (vragen, aanvullingen, suggesties) zijn welkom via e-mail !
| |||||||||||||||||||||||||||||||
![]() | Bedankt voor uw belangstelling! | ![]() |
| © copyright: André H. Roosma
|